Inscheppen
Schepje per schepje wordt de geuteling in de lange gietlepel geschept en geut per geut in de oven uitgegoten. De hoeveelheid moet gelijkmatig zijn en net voldoende om een oventegel tot aan zijn randen te vullen.
Teveel aan deeg loopt tussen de voegen zodat de geuteling beschadigd wordt bij het uitnemen. Tijdens het inscheppen blijft de gist zich vermenigvuldigen en wordt de temper dus dunner.
Door het inscheppen wordt de temper ook beroerd en ontsnapt er koolzuurgas.
Zo snel mogelijk een temper uitgieten is dus aangewezen.
De inschepper moet het tempo van de gieter op de voet volgen. Af en toe moet hij een kijkje nemen in de oven om te zien of hij de juiste hoeveelheid schept volgens de evolutie van de dikte van de temper.
Teveel aan deeg loopt tussen de voegen zodat de geuteling beschadigd wordt bij het uitnemen. Tijdens het inscheppen blijft de gist zich vermenigvuldigen en wordt de temper dus dunner.
Door het inscheppen wordt de temper ook beroerd en ontsnapt er koolzuurgas.
Zo snel mogelijk een temper uitgieten is dus aangewezen.
De inschepper moet het tempo van de gieter op de voet volgen. Af en toe moet hij een kijkje nemen in de oven om te zien of hij de juiste hoeveelheid schept volgens de evolutie van de dikte van de temper.
Aan de onderzijde van een geuteling kan je zien of er nog koolzuurgas in het deeg zat bij het gieten: je ziet de grote gaten langswaar het gas door de hitte is ontsnapt. Bewijs van kwaliteit.
Volgende:
